Is een polsstok duur?

In het jaar 2005 werd er zowaar een Nederlander wereldkampioen polsstokhoogspringen. Rens Blom vloog toen over 5,80 meter. Dit letterlijke hoogtepunt in de Nederlandse atletiekgeschiedenis mag echter niet verhullen dat wij het maar slecht doen op dit nummer. Mogelijk zien talenten de aanschaf van een eigen polsstok als een belemmering deze sport te beoefenen. Is dat terecht of niet?

Oefenpolsstokken
De polsstokken die we op de televisie zien zijn doorgaans het neusje van de zalm. Glimmende palen van glasfiber, die geheel zijn afgesteld op de lengte van de atleet en het gewicht dat hij of zij kan dragen. Het is dan gemakkelijk gedacht dat polsstokhoogspringen een eliteonderdeel van de atletiek is.

Dat valt mee. De beginner hoeft helemaal niet zo’n professionele stok te nemen. Integendeel, professionele stokken zijn relatief lang en flexibel en daar moet je mee leren omgaan. Voor beginners zijn er daarom stugge en korte oefenstokken te koop. Deze kosten zo’n 250 tot 300 euro en zijn tussen de 3,70 en 4 meter lang.

Wedstrijdpolsstokken
Een gevorderde polsstokhoogspringer die aan wedstrijden mee wil doen, zal wel een flexibele wedstrijdpolsstok nodig hebben. En inderdaad, zo’n wedstrijdstok dient op een aantal punten afgestemd te worden op de gebruiker. Dat wil echter nog steeds niet zeggen dat hij speciaal moet worden gemaakt. Je kiest gewoon een stok met de juiste maat en gewicht, vergelijkbaar met een op maat bestelde racefiets.

Wedstrijdstokken hebben doorgaans een lengte van 4,30 tot 4,60 meter en kosten tussen de €400,- en €500,-. Daar krijg je alvast geen racefiets voor.

Merken
Bekende merken op het gebied van polsstokken zijn Nordic (bekend van die andere stokken) en Lancet. Bij beide leveranciers kun je terecht voor een geschikte, maar dus ook best betaalbare polsstok.